Is het toeval, of…

Hollandse luchten en een stevig windje terwijl ik dit zit te typen. De wind komt van het meer, en dat is geen goed nieuws; dan is het koud. Al een paar keer ben ik hoopvol in hemdsmouwen de stad in gelopen, om tot de ontdekking te komen dat het nog steeds echt koud is. Dat was vorig jaar toch wel anders. Het moet opschieten want ons vertrek nadert.

Met dat vertrek aanstaande staat ons leven in het teken van afronden en organiseren.

De meeste van mijn projecten zijn afgerond. Deze week had ik een workshop, georganiseerd met een bevriende IT organisatie. Joe kwam met het idee toen hij hoorde dat we terug naar Nederland zouden gaan. "Het zou toch mooi zijn als je al je opgedane kennis over IT Strategie en non-profits zou kunnen delen", zei hij. Hij hielp een zaaltje huren en uitnodigingen versturen en een tiental geïnteresseerden kwam opdagen om voor $50 mijn verhaal aan te horen. Het was erg leuk om het geleerde samen te vatten en er een mooi, waardevol verhaal van te maken [binnenkort ook te lezen op de InfoJuice website] en er ontsponnen zich interessante discussies, waardoor een deel ook weer getoetst werd aan de praktijk, van de heel verschillende deelnemers. Joe zegde mij de volledige opbrengst minus de kosten toe en ik promootte zijn diensten.

Maar over toeval gesproken…

Sas vertrekt dit weekend voor een kort weekje Nederland, en wilde nog gauw even de laptop kopen, waarover ze al tijden aan het dubben is. We staan in de grote FutureShop op Dundas en Yonge als ze voorzichtig op haar rug getikt wordt, "Saskia?" vraagt een schuchtere jongen. Sas kijkt op, twijfelt even, maar herkent dan een Rotterdamse collega. Wat grappig. Hij is in de stad om zijn vriendin te verassen, die hier een congres heeft. Zo’n grote stad, en dan loop je elkaar zomaar tegen het lijf, kan gebeuren.

De keuze voor de laptop is lastig, licht gewicht, maar niet te duur, niet te groot, maar niet een te klein scherm. Handig voor op reis, maar ook voor elke dag. Ach, we gaan er even over denken en doen dat terwijl we met onze Zwitserse vriendin Nicole een crêpe gaan eten. De dames spreken af ‘s avonds naar de op dit moment zeer gehypte film "Sex and the City" te gaan, een echt meidenuitje; Ron moet per slot van rekening de nieuwe computer installeren.

Terug in de Futureshop waar dan toch uiteindelijk een keuze gemaakt wordt. Zoals dat met vrouwen en computers gaat werd in de winkel al het maandenlange vooronderzoek genegeerd en werd er uiteindelijk besloten op basis van “looks”. Een mooie zwarte, die vervolgens alleen nog in donkerblauw leverbaar is, maar gelukkig geen roze. Vanuit het drukke zaterdagmiddag publiek, stapt een man in korte broek naar voren, wel een beetje bizar, gezien het weer. Het is dominee Gary, hij glimlacht zo mooi mysterieus als we vertellen dat dit al onze tweede toevallige ontmoeting is op deze plek. We kennen hem via vrienden, zongen met mijn ouders in zijn straatkoortje op Bloor Street, de koude kerst van 2006, en nu praten we even kort bij. Hij maakte een trip door Groot Brittanië om bij de moederkerk inspiratie op te doen. Aardige man, tweede generatie Nederlander, erg Canadees, maar met zo`n echte Nederlandse kop. "Het is zo jammer dat jullie weg gaan!". Ja, vinden wij ook…

Het nieuwe computertje is een beauty en Sas werkt op zondagochtend nog even aan de voorbereiding van het congres, dan gaan we brunchen, of liever gezegd lunchen, het is al half één, met vrienden van de zeilclub. Op aanraden van mijn kapster, èh hairstyliste en de reeds genoemde Nicole komen we bij het fenomeen Madeleine terecht, een onooglijk stukje Bathurst Street herbergt een juweel van een koekjes, gebakjes en chocolade winkel, met ‘s zomers in de tuin een brunch-gelegenheid. Slechts enkele tafeltjes en in een soort van prieeltje tafels met lekkers (fruit, veel petiterige, maar smakelijke gebakjes, hartige en zoete mini croissants, etc) en een grappige en aardige dame die voor $21, all-you-can-eat, wafels, omeletten, toast, crêpes en nog veel meer voor je bakt. Wat een luxe en gezelligheid.

Terwijl we onze vrienden begroeten, stapt er een dame op me af, de receptioniste en goede vriendin van de hairstylist, zit hier toevallig ook: "Ik hoor dat jullie terug gaan, zo jammer, ook June (de kapster) gaat jullie erg missen, she’s very sad about it". Jawel, Canadezen houden wel van overdrijven, maar het is ook wel heerlijk. Terwijl de zeilmaten zich afvragen wie ik nu weer tegen het lijf loop, herkent Sas haar ook (ja, we hebben dezelfde kapster) en slechts met moeite lukt het ons weer bij ons eigen gezelschap terug te komen.

Na een heerlijke brunch fietsen we de lange weg naar huis. Ik maakte laatst met Michael een fietstochtje van een van de Noordelijke metrostations, door parken en ravijnen, naar de waterkant. Nu wijs ik Sas de weg; het rommelige Dupont af, chique stukje Yonge op, linkaf door Chestnut Crescent (uiteraard nog chiquer), Mount Pleasant Road over, door het ravijn, via een oude steenfabriek, naar de Don Valley. De groene slagader van Toronto, waardoor helaas wel een snelweg loopt, zonder al dat asfalt zou het een paradijs zijn, langs een heerlijk stroompje, terwijl je je rustig berg af naar beneden laat zakken. Nabij het meer een stadse rafelrand, waar snelwegen, spoorbanen en industrieterreinen, ooit eens gaan wijken voor parken en woningbouw, ooit…

Nog even langs de grote Loblaws Supermarkt om Michiels bestelling in te slaan. Terwijl ik de trap af loop, zie ik beneden een bekende figuur achter een winkelwagen aan komen lopen: Zeilclub Gary. Hij ziet mij ook en lacht. "Zo je laatste inkopen aan het doen?" Hij vertelt van de 75km Becel-fietstocht die hij vanmorgen gedaan heeft, voor het goede doel, maar al gauw gaat het over ons aanstaande vertrek, "erg jammer, we will miss you guys". De altijd sympatieke Ierse ogen kijken oprecht een beetje triest; "ik hoop jullie nog te zien op de zeilclub, of anders bij de BBQ?!!"

Terwijl we naar de kassa lopen kijk is Sas aan, hoe kan dat nou, in één weekend zo maar vier keer bekenden tegen het lijf lopen, in deze enorm grote stad met miljoenen inwoners? Het mooie is wel dat drie van de vier het erg jammer vinden dat we weggaan en zelfs vragen of we niet willen blijven…